Leesvoer





De Onzichtbare Audiofiel
Deel 2

Verslag van de realisatie van een nieuwe AudioDroom

augustus<----> oktober 2008

gelijknamig topic op het forum
HEAR.NL: klik
HIER

gelijknamig topic op het forum
HT-FORUM.NL, klik
HIER

laatste update: 22-11-2008

De foto's in dit verslag kunnen allemaal aangeklikt worden voor een vergroting.

Een volledig beeldverhaal zonder tekst is
HIER te vinden

Een zeer beknopte samenvatting in beeld is
HIER te vinden




Dit is Deel 2 van het tweedelige verslag.

Voor Deel 1, klik
HIER

Dit artikel is het verslag van de onzichtbare integratie van grote luidsprekers in een woonkamer, zonder consessies te willen doen aan de geluidskwaliteit. Er zijn zeer veel foto's gemaakt, die door het artikel heen gebruikt zullen worden.



vervolg van Deel 1



inbouw van de luidsprekers

Op een dag, ergens halverwege augustus (2008), was het schilder- en verfraaiingswerk grotendeels klaar. Eindelijk konden de luidsprekers in het frame gehangen worden; hoe zou dat gaan klinken...?
Ik vond het allemaal nogal spannend toen...
De wooferribbons en de midhoogribbons bestaan uit van elkaar los te koppelen units -- zie ook de foto rechts.

Op die manier worden de luidsprekers wat meer handelbaar bij transport. De complete luidspreker, zonder jasje, weegt een kilo of 65 en is nauwelijks veilig aan te pakkken vanwege dat er overal kwetsbare delen zitten.
Ik heb de twee luidsprekerdelen los van elkaar in de opslag gehad.
De pas gespoten zwart-met-rode jasjes en de originele voeten liggen veilig op zolder, te wachten tot ze wellicht nog ooit nodig kunnen zijn.

Beide units zijn in feite even kwetsbaar, maar in geval van schade is de midhoogribbon relatief makkelijk zelf te vervangen, mocht er een ongelukje gebeuren. De kosten zijn ook niet zo heel hoog in vergelijking met wooferschade.
Het enige waarvoor je goed op moet letten bij de midhoogunit is
tocht en harde wind. Dat laatste is misschien tijdens transport een issue, als het materiaal niet goed wordt ingepakt, maar tocht kan ook bij een onzorgvuldige opstelling in de woonkamer een killer zijn voor een 150cm lang lintje dat alleen maar boven en onder is ingespannen.
De stofzuiger moet trouwens ook ver weg blijven!

De wooferribbon is een factor 4 prijziger en ook heel wat moeilijker
zelf te vervangen. Bij de originele luidspreker zit er horrengaas gespannen voor het basmembraan (dat gaas is dan bevestigd aan de binnenzijde van het "jasje" van de luidspreker).
Mocht degeen die 'm verplaatst of dicht nadert een los metalen sierraad of iets dergelijks hebben omhangen of een pen in de borstzak hebben achtergelaten, dan wordt dat makkelijk aangetrokken door het magneettapijt achter het membraan en als er geen horrengaas voor zou zitten gaat het er gewoon dwars doorheen.
Losse schroeven en spijkers schieten ook dwars door het membraan bij onachtzaam herstel- en assemblagewerk...

Om die reden is het woofermembraan in dit project zo lang mogelijk beschermd geweest door een plaat hardboard, zoals in de foto hieronder goed zichtbaar is.
Ik heb besloten om het horrengaas achterwege te laten, omdat er ook al stof voor komt. Die zal hopelijk strak genoeg kunnen worden opgespannen om de mogelijkheid van schade sterk te reduceren.

In de foto rechts is tevens het schakelmateriaal voor de afstandsbedienbare lampjes te zien. Dit zal straks ook achter de stoffering verdwijnen en net als de luidspreker zelf toegankelijk zijn vanaf de andere zijde.

Lang voordat het stofferen kon beginnen hadden we die lampjes al opgehangen en aangesloten... (zie ook de onderstaande foto)















De verbinding tussen de luidspreker en het houten frame bestaat uit een simpele aluminium strip van 33 x 5 cm, die ik op maat heb laten maken voor dit doel.

De bevestigingsgaten in deze aluminium strip zijn uiteraard dezelfde als die waarmee ook de originele voeten aan de luidspreker vastzitten.
Ik wil de luidspreker graag in originele staat laten en op deze manier lukt dat zonder meer.

De luisterzijde is in deze foto's reeds gestoffeerd -- daarvan later natuurlijk nog een verslag...










De bovenste helft van de scheidingswand
aan de kant van de zithoek is al in een zo vroeg mogelijk stadium gestoffeerd. Daar hoeft verder niets aan te gebeuren -- zie ook de bovenste foto, hier rechts.

De onderste helft bestaat uit de uitneembare raamwerken, die tot doel hebben om toegang tot de luidspreker te verschaffen in geval er onderhoud of modificaties moeten worden aangebracht, of in geval deze moet worden uitgebouwd.

In het kleine, aanklikbare fotootje rechts is te zien op welke wijze het met stof bespannen raamwerk in het frame gaat passen: het zal gewoon geklemd kunnen worden.

Beide foto's zijn vanuit de zithoek genomen en tonen zodoende
de achterzijde van de luidspreker.





De hardware was al opgesteld voordat de luidsprekers werden ingehangen, zoals in de rechter foto te zien is.

Verderop in dit verslag zijn de details over de hardware opstelling zichtbaar.

Het is de bedoeling om op het donkere muurdeel boven de audioset nog een zelfgemaakt absorptiepaneel aan te brengen. Dit zal deel uitmaken van een groter plan van aanpak om de nagalmtijd van met name het middengebied nog beter te beheersen. Ook daarover verderop in dit verslag meer details.

Op dit punt in het verhaal zijn er al enkele (nagalm)metingen verricht en die wijzen uit dat er behoefte is aan aanvullende absorptie van het middengebied. Daar is op voorhand al rekening mee gehouden en dat komt dan ook niet als een verrassing.

Op de foto hieronder werd voor ons voor het eerst een beetje zichtbaar hoe het nu echt zal gaan worden.
En ook -- en vooral -- was ook
hoorbaar hoe het zou gaan klinken en die eerste indrukken waren veelbelovend!

Heel onverwacht was de klank op de sofa in de zithoek
meer dan voortreffelijk!
Dat was echt een kadootje, omdat ik er ernstig rekening mee hield dat het geluid
aan de achterzijde van de luidspreker niet echt compleet zou kunnen zijn en ook verwachtte ik een veel te sterke laagweergave, omdat de sofa pal voor de muur staat.
Maar dat valt allemaal enorm mee: het klinkt daar heel compleet, verrassend mooi en
J. ontdekt dat een mooi geluid in de woonkamer door iedere liefhebber, ook zonder technische luisterkennis, gewoon kan worden waargenomen...




Helemaal rechts achterin de zitkamer heeft trouwens
de draak-met-nieuwe-kleren een definitief plekje gekregen.
De kleinste van de kleinkindjes was er zelfs een beetje bang van, zo echt leek ie...

We hebben eerst ruim drie weken geluisterd naar het geluid zoals hierboven, alvorens de stof daadwerkelijk op de scheidingswand te gaan spannen. Op die manier zouden we zo goed aan het geluid gewend zijn, dat een verandering of een verslechtering als gevolg van het stofferen vrij gemakkelijk te horen zou kunnen zijn.

In die drie weken is er echt VEEL geluisterd... ik stond in feite droog vanaf maart 2008 omdat de geluidsinstallatie toen is ingepakt voor de aanstaande verhuizing.
Er was dus nogal wat in te halen op luistergebied en dat gaat tot op de dag van dit schrijven (einde november 2008) nog door...



naar boven





Setup van de Hardware

Het opstellen van de geluidsinstallatie bleek helaas niet op eenzelfde onzichtbare manier te kunnen worden uitgevoerd als de luidsprekers, alhoewel ik toestemming had om een nis in de zijwand te maken (door een gat in de buitenmuur te hakken en een uitbouwtje te maken) om daar de geluidsapparatuur in te parkeren. Deze nis zou dan in de kamer met een gordijntje kunnen worden afgesloten om de hardware aan het zicht te onttrekken.
Mijn idee!
Maar het gaat ook net iets te ver om daarvoor de buitenmuur open te breken...

De apparatuur staat tegen een zijwand opgesteld, zoals in de foto hierboven al te zien was.

Het Callas-Audio clamprack begint op een ruime meter voor de scheidingswand.
Zoals het aanvankelijk was opgesteld bestond het uit vier planken; de bovenste plank was vrij voor cd-plaatjes, afstandbedieningen, verlichting en andere accessoires die onder handbereik mogen zijn.




opslag cd's
Helemaal achterin de kamer staat een nog maar net turquoise geschilderd ladenkastje met cd's, te zien op de foto rechts.

Al van meet af aan bleek dat dit kastje eigenlijk veel te klein is voor alle cd's.
Onder andere een hele la met Zappa cd's kan niet eens plaats hebben en ligt boven opgeslagen!!!
Dat kan echt niet...

En eigenlijk zit het kastje van onder tot boven vol, zodat nieuwe aankopen er ook niet bij kunnen.
Het kastje is daarom vorige week vervangen door 6 Benno's van de Ikea.

In de foto hieronder is, behalve die 6 Benno's, ook de nieuwe luisterstoel al te zien.

Het gaat om een nogal antiek schommeltiep, aan de voorzijde voorzien van echte zwenkwielen en door
J. van de ondergang gered en geheel opnieuw gestoffeerd.

Voor niet al te dikke mensen zit ie heerlijk...!















Waarschuwing:
onderstaand verhaaltje bevat relatieve waarheden!



[relatieve waarhedenmodus aan]
heet hangijzer
Het hete hangijzer is en blijft de voorversterker.
Sinds ik me realiseer dat een voorversterker in een op lijnbronnen gebaseerde set het bronsignaal niet hoeft voor te ver
sterken maar enkel verzwakt aanbied aan de eindversterker, zoek ik naar een manier om de voorversterker weg te kunnen laten.

Maar dat gaat niet zomaar ongestraft. Een gewone volumeregelaar (potmeter) laat zoiets niet ongestraft toe, zoals menigeen weleens heeft ontdekt. Ook een cd-speler met variabele uitgang is niet in staat om een eindversterker direct aan te sturen, mooie verhaaltjes van high-end fabrikanten ten spijt.

Dus... de zogenaamde actieve voor
versterker is in feite gewoon een ordinaire voorverzwakker.

Dat verzwakken vindt plaats middels een in wezen ontzettend ontoereikend en zodoende misschien wel het meest gecompromitteerde onderdeel van de audioketen: de volumeregelaar in de vorm van een potmeter.

Een potmeter heeft tal van ernstige tekortkomingen, die allemaal gemeen hebben dat ze het oorspronkelijke muzieksignaal frequentie-afhankelijk vervormen en anderszins aantasten. Er valt één opmerking in het voordeel van de analoge potmeter te maken en dat is dat een goede potmeter minder erg is dan de digitale volumeregeling die in sommige voorversterkers wordt toegepast of in de cd-speler, in de vorm van de variabele uitgang.

Dat de voorversterker het signaal vervormt (of kleurt, da's soms hetzelfde) blijkt uit het feit dat zo'n apparaat gekozen wordt op grond van de prettige kleuring die deze toevoegt aan de set.
Ik heb in het verleden steeds een (betaalbare) voorversterker uitgekozen op grond van het klankkarakter dat ie aan de set meegeeft.
Een audiofiel noemt dit dan
"matchen", maar het is in wezen slechts
spelen met kleuring.

De gemiddelde muziekliefhebber kan zichzelf echter niet een
niet-kleurende voorversterker veroorloven -- dat is puur een zaak van prijs -- maar zelfs compromisloze voortrappen zijn zelden geheel transparant, omdat ze doorgaans zijn uitgerust met een volumeregelaar die de zwakste schakel vormt en de kwaliteit van het geheel naar beneden haalt.

Een ander doel van de voorversterker is om de bron en de eindversterker electrisch op elkaar te laten afstemmen. Het misverstand is dit: in de praktijk is hiervoor
geen actieve electronica nodig; enkel een verzwakker die volledig onafhankelijk van de frequentie een constante ingangsimpedantie weet te presenteren is voldoende.
Dat is echter wel een probleem: een gewone analoge potmeter kan dit niet en daarom kan een passieve verzwakker ook nooit bestaan uit enkel een potmeter.

Een constante ingangsimpedantie is belangrijk, omdat de geluidsbron (CD-speler) dan altijd dezelfde last ziet, ongeacht de volume-instelling.
Potmeters schieten hierin tekort en klinken daarom niet hetzelfde bij verschillende volumestanden.
Een stappenschakelaar, opgebouwd uit losse weerstanden, kan in zoiets wel voorzien, maar de kosten daarvan zijn zo groot, dat bijna geen enkele fabrikant zich eraan waagt in een betaalbaar model. En die zich eraan waagt komt met iets als 37 stappen -- die resolutie is in de praktijk veel te grof om een geluidsvolume zorgvuldig in te stellen. Of de stappenschakelaar is uitgerust met weerstanden die niet heel erg geschikt zijn voor het audiosignaal.

Een perfect gelijkmatige last van de geluidsbron (middels losse kwaliteitsweerstanden te realiseren) levert een transparantie op waar alleen de allerbeste voorversterkers bij in de buurt kunnen komen. De geluidsbron klinkt beter dan ooit voor mogelijk werd gehouden en plotseling blijkt die zogenaamde digitale hardheid eigenlijk een artefact van de voorversterker te zijn -- van de volumeregelaar om precies te zijn.

Alle vooroordelen over de
passieve volumeregelaar zijn eigenlijk waar: als deze niet is uitgerust met een fatsoenlijke regelaar kan het niet goed werken. Maar als de volumeregelaar frequentie-onafhankelijk een gelijkmatige last aan de bron presenteert hoor je je cd-speler zoals je 'm nooit eerder hoorde.
En dan zijn de vooroordelen niet waar: dan lever je niets in -- geen dynamiek, geen laag, geen maximale geluidsdruk...

Moeilijk te geloven, ik weet het... er is dan ook een vooroordeel te overwinnen en dat vooroordeel is dat een audioset anno 2008 die is opgebouwd uit bronnen die een signaal op lijnniveau afgeven een voorversterker nodig heeft.
Dit is dus het vooroordeel, voor alle duidelijkheid...

Lees er HIER meer over.

Mijn nog geen jaar oude VTL voorversterker is dus de deur uit... Een actieve voorversterker die nooit echt hoeft te versterken verbruikt nodeloos stroom en vervuilt nodeloos het muzieksignaal met een weliswaar zeer aangename (buizen)kleuring, maar niet met voldoende transparantie en klankzuiverheid. Dit ondanks dat het met afstand de mooiste voorversterker is geweest die ik ooit heb aangesloten gehad en me persoonlijk heb kunnen veroorloven.

Als je eenmaal een transparante volumeregelaar hebt aangesloten en het verschil beluistert kun je niet meer terug.

Ik kan me ook geen Audio Research Ref.1 voorversterker veroorloven of zoiets dergelijks -- geen 10.000 euro of meer voor een voorversterker die soms toch nog met een knullige volumeregelaar is uitgerust en in het gunstigste geval even transparant is als een goede passieve voorverzwakker.







De VTL voorversterker is inmiddels vervangen -- zie ook de foto hieronder...

Ik moet toegeven: er staat geen woord teveel op de website van de maker:

Placette Audio.

[/relatieve waarhedenmodus uit]











Placette Audio
passive Line Stage




Een beetje meer
onzichtbaarheid...

De hoogte van het audiorack stond me, een maand of twee na de opbouwfase, een beetje tegen.

Die hoogte mag wel wat inkrimpen...
Ik liep al even rond met het plan het audiorack in te krimpen door de bovenste plank weg te laten, maar had geen zin om die mooie lange draadeinden af te gaan korten.

De actieve VTL voorversterker op de middelste plank is ondertussen vervangen door een passieve Placette lijnverzwakker -- zie ook de foto hierboven...

Die Placette is een nogal low-profile apparaatje; de halve hoogte van de VTL.
Daar komt bij dat de Placette geen ventilatieruimte nodig heeft en de VTL natuurlijk wel vanwege de warmte van de buisjes en andere actieve electronica.

Kortom, als de bovenste plank vervalt en de loze ruimte boven de voorverzwakker gedicht kan worden, is het theoretisch mogelijk om mijn reservesetje draadeinden van 45cm hoogte te gebruiken.
Op die manier zal de set net wat meer onzichtbaar kunnen worden -- meer low-profile en minder obstinaat aanwezig.
Zo gezegd, zo gedaan... de boel is omgebouwd en nu ziet het eruit zoals in de foto's rechts.

Samen met het ombouwen van de audioset is ook de stroomvoorziening aangepast.
De eindversterker staat nu op een dedicated audiogroep met aarde en een echte audiofiele zekering in de meterkast (ja, dat gaf eerder al een hoorbaar verschil...)

De cd-speler is aangesloten op de woonkamergroep (daarop slechts wat verlichting), die eveneens van eenzelfde audiofiele zekering in de meterkast is voorzien sinds het afgelopen weekend. En ook dat gaf een hoorbaar verschil.
Morgen komt er nog een audiofiele zekering om de glaszekering achterin de eindversterker mee te vervangen. Heb me laten wijsmaken dat ook dat een hoorbare verbetering gaat geven!



naar boven












Stofferen van de Wand met de Luidsprekers

De meeste luidsprekers hebben een frontdoek om de individuele units aan het zicht te onttrekken en om de speaker een minder technisch uiterlijk te geven.

Mijn persoonlijke ervaringen met doekjes of grilletjes voor de luidsprekers zijn niet onverdeeld positief: er blijft altijd iets achter in het doek, zo lijkt het.
Of dit werkelijk zo is heb ik vaak wel, maar soms ook niet met zekerheid kunnen vaststellen.
Bijna altijd is er langer luisteren nodig om dit met zekerheid te kunnen vaststellen.
Als je het direct hoort is er volgens mij echt iets mis met het doek of het frame van het doek.

Mijn eigen Apogees zijn van huis uit uitgevoerd met een soort sok van nylon, die over het kale luidsprekerframe zit.
De foto rechts toont het kale luidsprekerframe, zonder het jasje dat in feite slechts een cosmetische functie heeft en zonder de sok, die al lang geleden is verwijderd. Deze bestond uit een zwarte, elastische nylonkous die over het volledige frame met de membranen was getrokken.

De nylonkous is destijds verwijderd, omdat bleek dat ie geluid tegenhield.
Na verwijdering klonk het simpelweg opener, frisser en ruimtelijker.

Een belangrijke reden hiervoor was dat de sok verzadigd was van het stof.
De eerste eigenaar was niet zo zuinig op zijn spullen als ik dat tegenwoordig ben...



Toen ik de luidsprekers liet restaureren, najaar 2007, besloot ik om geen enkele vorm van doek, gaas of andere bescherming voor de membranen toe te passen, zoals de rechter foto van het eindresultaat van de restauratie laat zien.

Het nadeel is dat de kwetsbare membranen zijn blootgesteld aan de open lucht. Aangezien er op mijn zolder onbewaakt geen grote en kleine mensen kwamen, was dat niet zo gevaarlijk als in een woonsituatie.

Toch is er op zolder ook ander gevaar, namelijk dat van insectenspul en andere critters die om duistere redenen de schacht van een ribbon verkiezen als woonplek, of -- minstens zo erg -- de ruimte tussen het magneettapijt en het membraan van de luidsprekers.

De sok zat er van fabriekswege dan ook op om dit soort indringers buiten te houden...



Maar nu eerst terug naar de nieuwe woonsituatie, met de luidsprekers reeds opgehangen in de scheidingswand:



Het is onvermijdelijk dat in een woonkamersituatie zoals deze tenminste enige vorm van bescherming voor de membranen komt.
Dat zal de vorm aannemen van akoestisch zeer transparante stof die zo strak mogelijk moet worden opgespannen.
Als het goed is beschermt dit de membranen tegen priemende kinder- en grotemensenvingertjes, maar ook tegen kruipend en rondvliegend gedierte dat graag op glimmend aluminium wil zitten of landen.

Luisterproeven wijzen uit dat het met deze stof op het eerste gehoor geen verschil uitmaakt of ie wel of niet voor de luidsprekers hangt.

Dat lijkt me persoonlijk vrij onwaarschijnlijk: ongetwijfeld blijft er iets van de luchtigheid van de luidspreker achter in het doek, maar ik hoor het niet direct. En dus gaat het stofferen maar beginnen; ik heb er van meet af aan rekening mee gehouden dat stoffering voor de membranen één van de de sluiten compromissen is...














Het opspannen gaat vanuit het midden naar de hoeken toe -- dat had de meubelstoffeerster al aangeraden...

De W-van-WAF heeft de stof van tevoren op maat gemaakt door banen aan elkaar te naaien op de plaatsen waar de naden straks niet of maar gedeeltelijk zichtbaar gaan zijn.

Allereerst wordt de boogvorm boven en onder gespannen en vastgeniet...







Vervolgens worden ook de zijkanten bovenaan opgespannen, waarna de lampjes kunnen worden aangesloten en opgehangen aan de tevoren daarvoor geplaatste steunen,










Tenslotte worden alle resterende staande en ook de liggende delen strak opgespannen.
De overtollige stof kan daarna worden weggeknipt.




Het stofferen heeft toch redelijk wat tijd in beslag genomen: zo ongeveer de hele middag.
Bij het vallen van de avond ziet het eruit zoals in de foto hieronder...







En soms, als het laatste avondlicht rechtstreeks binnenvalt, is in tegenlicht de luidsprekervorm te zien...





Vanuit de luisterstoel gezien ziet het er ongeveer uit zoals hieronder...


Het werkelijk onverwachte van dit alles is dat degeen die op de bank zit zelf ook een niet onaardige geluidskwaliteit hoort. Dat was een aspect wat niet op voorhand te voorspellen was, aangezien ik nooit eerder naar de achterzijde van de luidsprekers luisterde.

Weliswaar is er wat meer bas en wat minder ruimtelijkheid (door de nabijheid van de achterwand) als op de vrije luisterplaats, maar nog altijd klinkt dat zeer goed en compleet, al zeg ik het zelf...






naar boven



verfraaiing
met randlijsten


Een laatste verhaaltje over het verfraaiingswerk...

De buitenste omlijsting van de scheidingswand en de rand van de boogvorm zullen worden afgewerkt met randlijsten die in elk geval de nietjes aan het zicht zullen onttrekken.

De booglijst zal tevens een massievere indruk aan de boogvorm moeten geven.

Tenslotte krijgen de lijsten een kleurtje en zal
J. een ornament op de booglijst willen schilderen...

Alle lijsten bestaan uit stroken MDF, in de grondlak gezet en tweemaal afgelakt alvorens te worden vastgeschroefd. De lijsten zijn aan twee zijden afgerond met de bovenfrees.

De twee halfronde booglijsten zijn uit een plaat MDF gezaagd, welke eerst op de daadwerkelijke boogvorm is afgetekend.

Op de foto rechts is de buitenste omlijsting van de scheidingswand reeds aangebracht en van een kleur voorzien. De booglijsten zijn in de grondverf gezet.










Alvorens de lijsten op de boog vast te lijmen, zijn ze eerst tweemaal in de grondverf gezet.
Eenmaal aangebracht op de boog is het eigenlijk niet echt leuk meer om nog te moeten schuren en lakken...

In de foto rechts is, als je goed kijkt, te zien dat de
uitneembare raamwerken in de wand zijn geklemd (er is bovenaan een naadje zichtbaar).

Via deze raamwerken is het achteraf mogelijk om toegang tot de luidsprekers te krijgen.


De booglijsten worden permanent verlijmd.








Kieren en naden worden met elastische houtkit van Alabastine (in feite gewoon acrylaatkit) afgewerkt.

Zo lijkt de constructie van de boogvorm één geheel.
Dat kitten is letterlijk nattevingerwerk.

Er is bewust niet met plamuur gewerkt omdat ik niet meer wilde gaan schuren, zo dicht bij de stoffering en de luidsprekers.
Dat zou teveel fijn stof geven...


Het heeft een paar weekjes geduurd voordat het idee voor een ornament was uitgekristalliseerd, maar afgelopen herfstvakantie 2008 heeft J. de penselen ter hand genomen.

Er is
geen gebruik gemaakt van een sjabloon en evenmin van lakverf...

De latex vloeide rijkelijk en zo komen alle kleuren uit de woonkamer terug in het ornament op de boog.












eerste nagalmmetingen
een verhaaltje over de akoestiek van de woonruimte

Direct nadat de luidsprekers waren opgehangen in het frame van de scheidingswand zijn er enkele nagalmmetingen gedaan.
Dat was op 19 september 2008; de woonkamer verkeerde in het verbouwingsstadium zoals het hier links zichtbaar is.

Het doel van deze eerste meting was om te zien hoe het met de nagalmtijd in de grotendeels ingerichte ruimte zou zijn, zonder de toepassing van eventuele specifieke akoestische maatregelen. Natuurlijk maakte de gehoormatige ervaring al duidelijk dat er geen echte nagalmproblemen zouden zijn, maar het is toch zinvol om middels een echte meting te weten of er ergens iets schort.
Voorts zou de meting aan het licht kunnen brengen of en waar de ruimte zelf eventueel teveel selectieve absorptie in zou brengen. In dit stadium zou er eventueel nog in te spelen zijn op niet al te grote problemen die aan het licht zouden komen...

De grotendeels ingerichte ruimte brengt van zichzelf uit de aard der zaak behoorlijk wat natuurlijke absorptie in.
Die natuurlijke absorptie bestaat hier uit huis-tuin-en-keuken materialen, plus zekere constructie-aspecten van de ruimte die allemaal selectief meer of minder gewicht in de schaal leggen en tezamen de breedbandige nagalmtijd tenminste voor een deel in het gareel zullen brengen. Zo is althans de verwachting.

In tegenstelling tot een kale, moderne ruimte (harde wanden, onbedekte tegel- of laminaatvloer, hard plafond, veel glasoppervlak) is onze woonkamer van zichzelf al behoorlijk absorberend, met name in het laag en in het midlaag, vanwege de holle ruimtes in de constructie. Vanwege de rijkelijk gestoffeerde inrichting is de kamer bovendien ook in het middengebied en in het hoog al redelijk absorberend.

De belangrijkste aspecten die op het moment van de metingen voor absorptie in deze ruimte verantwoordelijk zijn:

  • zwaar en groot wollen kleed in de zithoek (3cm dik), verantwoordelijk voor behoorlijk wat midden- en hoogabsorptie
  • zware gestoffeerde sofa, fauteuiltje plus een poef, eveneens in de zithoek verantwoordelijk voor midden- en hoogabsorptie
  • Fluwelen gordijnen, zowel in de zithoek als in het luistergedeelte; deze absorberen vooral midden en hoog
  • Gespoten gipsplatenplafond, met daarachter vloerbalken en een houten verdiepingsvloer -- deze constructie absorbeert, mogelijk selectief, veel midlaag en laag vanwege de holle ruimte achter de gipsplaat en vanwege de laagfrequent absorberende eigenschappen van een zwevende vloer
  • Boven een kruipruimte zwevende planken vloer op balken -- ook deze is op grond van de holle ruimtes onder de vloer en het absorberend vermogen van het zwevende houtoppervlak zelf verantwoordelijk voor midlaag- en laagabsorptie, eventueel heel selectief (= smalbandig en ongewenst).

Op grond van deze constructie- en inrichtingsaspecten valt te verwachten dat de nagalmtijd in het voorste zitgedeelte van de ruimte voor midden en hoog in orde is.

De nagalmtijd voor midden en hoog
in het luistergedeelte zal te wensen overlaten, ook omdat de wanden op het moment van meten nog kaal zijn en er nog geen vloerbedekking is -- enkel de houten vloer. Dit is ook hoorbaar bij luidere afluistervolumes.

De nagalmtijd voor midlaag en laag kan door de gehele ruimte heen behoorlijk in orde zijn (al luisterend naar muziek lijkt dat het geval te zijn), maar er kan sprake zijn van selectieve absorptie.

Het doel van nagalmbeheersing is in eerste instantie om breedbandige absorptie tot stand te brengen -- niet-selectief dus. Een redelijk willekeurige constructie met veel
identieke holle ruimtes (zoals een zwevende vloer en/of plafond) kan evenwel voor heel veel van dezelfde (= selectieve) absorptie zorgen. Dat fenomeen kan een zgn. suckout teweegbrengen in het laag en/of het midlaag en zoiets is achteraf heel moeilijk in orde te krijgen zonder de vloer en/of het plafond te gaan verzwaren.

De nagalmtijd van een gegeven ruimte is nooit een statisch gegeven. De nagalmtijd is o.a. afhankelijk van de in de ruimte opgewekte geluidsdruk. In de praktijk herkent iedere muziekliefhebber dit verschijnsel wel. Bij laag volume weet de ruimte nog wel weg met de opgewekte geluidsenergie. Maar zodra er wat harder moet worden gedraaid kan de ruimte de daarin opgewekte akoestische energie niet meer snel genoeg 'afvoeren' of neutraliseren.

Kortom: hoe hoger het volume waarop geluisterd wordt, des te meer moeite de ruimte kan hebben om de geluidsenergie kwijt te raken en des te langer de nagalmtijd zal zijn.
De ruimte
loopt vol met geluid; het zal op hoog volume klinken als een onoverzichtelijke brij, terwijl het dan op laag volume best in orde kan zijn.

Het meten van de nagalmtijd dient dus bij een realistisch volume te geschieden.
Een realistisch volume is enerzijds een volume waarop door de gebruiker graag wordt geluisterd. Je moet geen nagalmtijd gaan meten met een ruisniveau van 87dB als er doorgaans een gemiddelde geluidsdruk van 95dB gemeten wordt bij het luisteren naar muziek. Dan hou je jezelf voor de gek.
Anderzijds is een realistisch volume een volume dat door de hardware kan worden neergezet zonder vervorming of schade.

Het lijkt simpel en niet zo heel luid te zijn, maar 92dB roze ruis neerzetten laat conussen behoorlijk wapperen! Dat komt omdat ook
al het laag op 92dB eruit moet komen, anders was het geen roze ruis...

De maximale onvervormde geluidsdruk van de Apogees is 108dB.
Het komt in de praktijk echter hoogst zelden voor dat ik pieken van meer dan 104dB beluister, laat staan een continue weergave van die sterkte... In principe komt een gemiddelde geluidsdruk van 99dB roze ruis overeen met een bijzonder luide weergave -- een waarop ik weleens wil luisteren tegen het einde van een goede luistersessie, zeg maar.

Onderstaande meting is gedaan met roze ruis op 99dB.
Alle gordijnen zijn
geopend.



In deze grafiek wordt het uitsterven van geluiden per tertsband horizontaal uitgezet tegen de tijd, die verticaal is aangegeven.

Wanneer er sprake is van een nagalmtijd van 0,7 seconden op 315Hz, zoals in bovenstaande meting het geval is, dan betekent dit in principe dat een toon van 315Hz er na het uitschakelen van het ruissignaal 0,7 seconde over doet om 60dB in sterkte te verminderen ten opzichte van het oorspronkelijke geluidsniveau.
Hoewel het in theorie mogelijk is om per frequentie de nagalmtijd te meten is dat voor mijn doel in deze ruimte niet nodig. De verdeling van de frequentieband in tertsbanden levert een voldoende ruime resolutie op. In de praktijk betekent 0,7 seconden op 315Hz dus dat geluiden met frequenties tussen 275 en 325Hz (315Hz is de centrale frequentie in de tertsband) er ongeveer 0,7 seconden over doen om niet meer storend aanwezig te zijn.

Een ideale nagalmtijd van een ruimte is behalve van de gewenste geluidsdruk ook afhankelijk van de inhoud. Voor grote ruimtes geldt een langere nagalmtijd van bijvoorbeeld 0,8 seconden voor midden en hoog nog steeds als ideaal. Voor een kleine ruimte, zoals deze woonkamer, is 0,4 tot 0,5 seconden ideaal voor middenfrequenties en hoge tonen.

In de grafieken van de nagalmtijd zijn steeds twee rode lijnen te zien.
Daar tussenin behoort de nagalmtijd voor het volledige spectrum in het ideale geval te liggen.
Er is dus enige speling mogelijk; de ideale nagalmtijd is geen krampachtig gefixeerde waarde en bovendien ook nog eens van het gebruiksdoel van de ruimte in kwestie afhankelijk. Ik streef er in principe naar om in deze ruimte rond de bovenste targetlijn te blijven. Eerder iets te levendig dan te gedempt.

Bij een geluidsdruk van 99dB (dat is behoorlijk hard, denk ik) en geopende gordijnen sterven alle frequenties van 1500Hz en hoger binnen een correct tijdsraam uit, aldus de meting. Ongetwijfeld is hiervoor de redelijk rijk gestoffeerde inrichting verantwoordelijk. Het hoge middengebied en het hoog zijn dus in orde, ware het niet dat een verschijnsel zoals flutter-echo (waarover verderop meer) niet in deze meting zichtbaar is omdat het veel te smalbandig is om zo gemeten te worden.

Tussen 800 en 1500Hz -- ook het middengebied -- is de nagalmtijd wat aan de lange kant, aangezien ze net boven de bovenste rode lijn uitkomt. Dit zou ik zelf op geen enkele manier problematisch willen noemen.

Onder 800Hz en vanaf 250Hz -- midlaag en midden -- is de nagalmtijd ongeveer 0,1 sec. te lang -- ook geen drama, temeer omdat de meting op
gemiddeld 99dB is gedaan -- zo hard als ik in een gekke bui maximaal durf te luisteren. De werkelijkheid van een normaal luisterniveau ligt lager en zonder twijfel binnen de target.

Het echte midlaag -- 100 tot 200Hz -- is lekker kort en heeft een correcte waarde. Dit is bijna zeker te wijten aan de constructies met holle ruimtes in de kamer (vloer en plafond), die juist in dat gebied sterk absorberen. Een kadootje dus, aangezien er geen speciale maatregelen voor dit gebied hoeven te worden getroffen.

Het echte laag onder 100Hz is weer wat aan de lange kant. Om en nabij de seconde. Dat zou strikt genomen behandeld moeten worden met behulp van basstraps of andere kunstgrepen die al of niet onzichtbaar in het interieur een plek kunnen vinden.

Voor een akoestisch onbehandelde ruimte is dit meetresultaat bepaald niet slecht. Met name in het midlaag is het een kadootje als er geen aparte maatregelen hoeven te worden getroffen om dat gebied in orde te krijgen. Daar moeten doorgaans paneelabsorbers voor worden gebouwd. Dat de galmtijd in het echte laag niet boven de seconde uitkomt is ook een kadootje. Moderne betonnen kamers van deze zelfde inhoud zouden zonder meer een nagalmtijd in het laag opleveren die 1,5 tot 2 x zo hoog is door het ontbreken van natuurlijke absorptie. Inzet van basstraps is daarom wellicht een optie, maar dat is ofwel kostbaar, ofwel het vereist veel ruimte. De vloer- en plafondconstructie is nu zijdelings een basstrap. Ongetwijfeld zou de nagalmtijd van het laag ook 1,5 tot 2 seconden zijn geweest als het hier om een volledig betonnen of stenen kamer ging.

De specifieke invloed van gesloten gordijnen op de nagalmtijd is zichtbaar in onderstaande meting.
Zelfde geluidsdruk, zelfde meetmoment en meetplaats, maar nu met gesloten gordijnen.



Zoals te verwachten was maakt het sluiten van de gordijnen niets uit voor de nagalmtijd van het laagste laag, nauwelijks iets voor het midlaag, behoorlijk veel voor het middengebied en ook behoorlijk wat voor het midhoog en het hoog.

In feite ontstaat er, ook gehoormatig, iets meer rust in het geluidsbeeld, maar ik zou deze waarden willen gaan realiseren door aankleding van de wanden, opdat bij een volgende meting deze waarden zullen verschijnen bij
geopende gordijnen. Nog altijd is er immers de situatie waarbij de zijwanden kaal en onbehandeld zijn. Dat levert een ietwat onrustig geluidsbeeld op, met name op hogere geluidssterktes.

Ik heb nog een derde nagalmmeting gedaan bij 108dB geluidsdruk.
Gordijnen zijn open, gehoorbescherming opgezet...



Het is interessant om te zien dat de ruimte nu inderdaad een behoorlijk andere nagalmtijd lijkt te krijgen, aangezien ze nu veel meer moeite heeft om de veel hogere hoeveelheid daarin opgewekte geluidsenergie snel af te voeren of te neutraliseren. Het volledige laag, midlaag, midden en een deel van het midhoog krijgt nu een behoorlijk wat langer dan prettige nagalmtijd en dat is goed hoorbaar.
De ruimte loopt vol met geluid; muziek van de vorige maat is nog aanwezig terwijl de volgende maat al gespeeld wordt, zogezegd...

Vooralsnog is de nagalmtijd van de woonruimte in deze half-voltooide staat op geen enkele manier een zorgenkind en kan de inrichting verder gezet worden. De kamerhoge gordijnen staan voor en achter op de nominatie om vervangen te worden door gordijnen die op de vensterbank zullen hangen -- een fractie minder absorptie dus. De scheidingswand moet ten tijde van de meting nog aan de luisterzijde worden gestoffeerd, maar als het goed is zal dat weinig of geen verschil moeten uitmaken voor de nagalmtijd, hoogstens in het hoog boven 3 of 4 kHz. Er zal een grote, vrij dunne kelim in het luisterdeel komen te liggen die nagenoeg het gehele vloeroppervlak zal bedekken. Er zullen aan de wanden van het luisterdeel nog enkele losse absorptiepanelen en/of wandkleden komen te hangen, eventueel vermomd als kunstwerk. De zichtafwerking is afkomstig uit de collectie van
J., want die heeft nogal wat wanddecoratie achter de hand.
Op dit punt is de akoestiek dus nog niet helemaal klaar, maar het streven blijft toch dat deze in orde moet gaan komen zonder zichtbare akoestische maatregelen.




naar boven



flutter in de zithoek

Ondanks dat de zithoek (foto rechts) sterk gestoffeerd is, was er tegelijk ook sprake van een enorme flutter-echo. De kale, links en rechts tegenover elkaar liggende wanden zijn hiervoor verantwoordelijk, maar niettemin kwam dat als een verrassing, want ondanks dat het grotere luistergedeelte (foto hieronder) beduidend minder gestoffeerd is, is hier nagenoeg geen sprake van flutter.

Flutter-echo is een uiterst smalbandig fenomeen, wat niet heel veel absorberend vermogen nodig heeft om te verdwijnen.

De truc bij flutter-echo is "locatie" -- dus om strategisch smalle stroken absorptie aan te brengen en om de precieze plaats daarvan experimenteel te bepalen, aangezien dat heel veel uit kan maken in de uitwerking.

Op die manier is het dan mogelijk om met het in stroken geknipte oppervlak van bijvoorbeeld 1 vel noppenfolie (100 x 50 cm) een zitruimte zoals deze fluttervrij te maken.

Wij hebben echter gekozen voor een andere invalshoek, zoals de rechterfoto's laten zien.

Aan één zijmuur hangt een heel dunne doek als decoratie.
Het is antiek oosters borduurwerk.
J. komt uit een muzikale familie. Deze lap heeft heel lang als decoratie op de vleugel van haar moeder gelegen .
Alle flutter-echo is erdoor verdwenen zonder dat het enige meetbare absorptie toevoegt.















We zijn nog bezig (herfst 2008) om te achterhalen wat de symbolen precies betekenen die gestileerd in het midden aangebracht zijn, maar de religieuze autoriteiten hebben het er tot nog toe nogal moeilijk mee om de kalligrafie te interpreteren.
We zouden natuurlijk wel graag weten wat het is wat er aan de muur hangt, als het kan...

Aldus was het ook mogelijk om flutter te bestrijden: in plaats van smalle stroken met krachtige absorptie is het ook mogelijk om een groter oppervlak te behandelen met een zeer dunne stof -- in dit geval een doek die als wandkleed gaat dienen. Zolang de stof niet te krachtig absorbeert zal er geen hoorbare asymmetrie hoeven te ontstaan in het ruimtelijk beeld.






herstel van een denkfout

Mijn Duetta Signature luidsprekers behoren in originele toestand op de grond te staan, op een stel simpele maar doeltreffende voeten, die tevens van spikes kunnen worden voorzien. Met behulp van die spikes kunnen de linkse en de rechtse speaker perfect identiek worden neergezet qua hellingshoek.
De van fabriekswege meegegeven hellingshoek is ongeveer 5 graden achterover. Op die manier straalt het midden van de lengte van het midhoogribbon naar het oor toe, wanneer je op een gemiddelde hoogte gaat zitten.
Een graad meer of minder maakt dat variaties hierin gemakkelijk kunnen worden opgevangen.




Wanneer het midden van de ribbon op oorhoogte komt, bijvoorbeeld door zelf heel laag te gaan zitten of door de luidspreker 20-30cm van de grond op te tillen, is de hellingshoek niet meer nodig en kan de luidspreker loodrecht worden geplaatst.

Ik heb ervoor gekozen om de luidsprekers loodrecht in het frame te hangen en daarvoor moesten ze ongeveer 30cm boven de grond worden bevestigd.
Dat is rechts te zien.

De ruimte onder de luidspreker is vooralsnog open.
Dat blijkt nu de denkfout te zijn...

Het idee van een akoestisch transparante scheidingswand was bedoeld om zoveel mogelijk open ruimte te behouden. Het enige doel van het raamwerk is zodoende om houvast te geven aan de stof die er overheen gespannen is en om stevigheid te bieden voor de luidsprekers.

Dat denkbeeld is op zichzelf correct en benadert zoveel mogelijk de situatie van een vrij opgestelde dipolaire luidspreker.


Maar die ruimte ONDER de luidspreker blijkt een geval apart...


Er bestaat een latere versie van de Duetta-Signature, deel uitmakend van de zgn. "Grand series".

De Grand serie bestaat uit ribbon arrays die geplaatst zijn op een actieve subwoofermodule.
Het Grand-equivalent van de Duetta heette de Studio-Grand en deze is in de rechter foto te zien.

De subwoofermodule is dus tevens de luidsprekerstandaard, welke de luidspreker een zodanig hoogte geeft dat ie loodrecht kan worden neergezet.

Dit heeft een aantal voordelen voor het geluid en met name voor het ruimtelijke beeld.
Vanzelfsprekend is door deze subwoofer de ruimte onder de luidspreker gesloten...

Een audiovriend die eveneens in het bezit is van deze Duetta luidspreker heeft me vorig jaar eens gezegd dat het afsluiten van de minimale ruimte onder de op de vloer staande luidspreker een hoorbare versterking van de basweergave oplevert.

Ik vond dat destijds een nogal sterk verhaal: de kier onder de luidspreker die op zijn normale voet staat is namelijk nog geen vijf centimeter!
Hoe zou zoiets nou iets kunnen uitmaken...

In mijn huidige setup is de 'kier' onder de luidspreker maar liefst 2 decimeter!



Nadat ik de luidspreker had geïnstalleerd was mijn eerste luisterindruk dat er te weinig echt
diep laag aanwezig was. Gelukkig had ik wel de ervaring van mijn oude luisterzolder, waar niet echt een tekort aan diep laag bestond -- eerder een teveel... Het zou gewoon mogelijk moeten zijn om met deze luidspreker tot onder de 35Hz te komen, strikt genomen tot 28Hz zelfs.

Ik besloot op dat moment om het maar allemaal even af te wachten; om de nieuwe bekabeling even de tijd te geven om ingespeeld te raken. De signaalkabels waren namelijk gedeeltelijk nieuw en de luidsprekerkabels waren volledig nieuwe Anti-Cable lengtes.

Maar het echte laag onder 50Hz kwam niet terug en ik herinnerde me op een gegeven moment die opmerking van de audiovriend: degene die met een handdoek de kier onder zijn Duetta's dichtmaakte en daardoor meer bas kreeg.

Ik realiseerde me ook dat de ribbon array van de Studio Grand weliswaar op dezelfde hoogte geplaatst is, maar dat de ruimte eronder wel gesloten is...



En toen realiseerde ik me dat ik maar eens moest gaan zagen.
Het herstel van de denkfout was gauw voor elkaar en kostte uiteindelijk een uurtje werk.

Ik plaatste eerst losse hardhouten platen in de gaten en kreeg er op slag -- vreemd maar waar -- een octaaf bij.
Vervolgens heb ik de losstaande platen stevig ingelijmd en de resterende kieren afgekit.

Voila: de ruimte onder de speaker is dicht, alsof ie net als een Studio Grand op een gesloten standaard staat...

Ik heb een aantal geluidsdrukmetingen verricht toen de ruimte onder de luidspreker nog open was.

Het is de bedoeling om gelijksoortige metingen nogmaals te verrichten, nu eenmaal de ruimte is gesloten.

Hoewel het gehoormatig overduidelijk is dat het laag in orde is gekomen wil ik graag het meettechnische verschil ook kunnen zien.

Zodra deze metingen gedaan zijn volgt een update op deze plaats.
Wordt t.z.t. dus vervolgd...





Hiermee komt dit artikel tot een voorlopig einde. Updates en toevoegingen zullen op de nieuwspagina van deze website (klik HIER) worden bekendgemaakt.

De geïnteresseerde lezer die benieuwd is naar hoe dit alles nu werkelijk
klinkt is uitgenodigd om met eigen oren naar relatieve onzichtbaarheid te komen luisteren. Stuur een mailtje naar
info@soundscapes.nu.
Ik kan immers wel zeggen dat het voortreffelijk klinkt en dat het in feite op alle-fronten-op-één-na beter is dan op de oude luisterzolder, maar zoiets klinkt toch een beetje als een sigaar uit eigen doos.
En wat is er dan niet beter dan in de oude luisterruimte op zolder, zult u zich afvragen... Welnu: het klonk daar vooralsnog intiemer, betrokkener... Zoals een kleine jazzclub intiemer klinkt en meer betrokkenheid op kan roepen dan een grote zaal.

SoundScapeS / Toine Dingemans
Roosendaal, oktober en november 2008.



Dit was Deel 2 van het tweedelige verslag.
Voor Deel 1, klik
HIER


naar boven