naar boven
De
Praktijk van een Dipolaire Luidspreker
In de praktijk
zijn er een aantal punten of voorwaarden waaraan
aandacht geschonken behoort te worden wanneer u
dipolaire luidsprekers overweegt aan te schaffen of
deze beter wilt opstellen dan nu reeds het geval is:
- Het belangrijkste
gegeven is waarschijnlijk de aandacht die
moet worden gegeven aan de wand onmiddellijk achter
een dipolaire
luidspreker; deze achterwaarts afgestraalde
geluidsgolven vormen een essentieel onderdeel
van het totale geluid en kunnen met name de
ruimtelijke afbeelding van het systeem maken
of breken, terwijl ook het klankbeeld van het
systeem sterk bepaald zal worden door de
hoedanigheid van die achterwand.
De achterwaarts uitgestraalde geluidsenergie
moet in elk geval niet
gedempt of geabsorbeerd worden! Een vlakke en
akoestisch harde achterwand is op zichzelf
prima, ook al lijkt dit in strijd te zijn met
uw gevoel daaromtrent. Dit is de aanbeveling
die fabrikanten zelf ook doen. Als
alternatief voor de vlakke
wand kan ook een diffusief
oppervlak worden
overwogen, zoals in de foto's op deze pagina
wordt getoond.
- Los van de structuur,
aankleding en vorm van de wand achter de
luidsprekers is met name ook de afstand
tussen de luidsprekers en de achtermuur van
groot belang; te weinig afstand zal maken dat
het ruimtebeeld, waar dit type luidspreker
terecht zo bekend om staat, niet voldoende
tot ontwikkeling komt.
- En tenslotte is het
algemeen bekend en inderdaad maar al te waar
dat een dipolair luidsprekersysteem erg
gevoelig is voor zelfs de kleinste
positieveranderingen; de wens om zelf de
opstelling geleidelijk aan te verfijnen is
onontbeerlijk voor eigenaars van
dipoolsystemen.
Van dipolaire luidsprekers
wordt gezegd dat zij zowel moeilijk aanstuurbaar als
plaatsbaar zijn en dat ze niet goed lage frequenties
kunnen weergeven. Dit wordt dan bovendien vaak
beweerd door niet-bezitters en soms zelfs door mensen
die nog nooit naar een juist opgesteld en klinkend
dipolair systeem hebben geluisterd...
Aansturing is beslist in sommige gevallen een
probleem, maar in de meeste gevallen simpelweg niet (meer).
Versterkers die goed kunnen omgaan met wat lagere
impedanties zijn niet zeldzaam meer en evenmin
onbetaalbaar. Een passende versterker is echter wel
cruciaal, maar dat is altijd het geval natuurlijk.
Een goede opstelling voor een dipolair systeem
vereist zeer zeker ademruimte rond de luidsprekers.
Een afstand van 100cm tot de achterwand is echt een
minimum. Hier staat tegenover dat de afstand tot de
zijwanden relatief gering mag zijn (30cm is mogelijk),
zodat luidsprekers weliswaar ver de kamer in kunnen
staan, maar tegelijk ook ver naar de zijkanten. Toch
is ook ademruimte van opzij zinvol, zodat dit
argument van moeilijke opstelling inderdaad als een
nadeel van dipolair kan worden beschouwd. Wie echter
de ruimte heeft zou eigenlijk eens een dipool moeten
horen vooraleer te kiezen voor een veilig
dynamisch systeem (conusluidsprekers dus).
Het derde argument -- gebrekkig laag -- is helaas in
veel gevallen maar al te waar gebleken. Veel
zogenaamde fullrange systemen
zijn helemaal niet zo fullrange, maar dat heeft ofwel
met het ontwerp zelf te maken (slechte ontwerpen
bestaan hier net zo goed als bij dynamische systemen),
ofwel met het werkingsprincipe. Niet elk dipolair
systeem is namelijk hetzelfde! Er zijn elektrostaten,
magnetostaten en ribbonluidsprekers. Laatstgenoemde
twee zijn behoorlijk identiek, maar een elektrostaat
is bijvoorbeeld iets heel anders. De enige
overeenkomst is het dipolaire afstraalgedrag. Van een
elektrostaat is bekend dat de laagweergave niet
overtuigend is; hiervoor zijn goede redenen te geven.
Van fullrange magetostaten en ribbonluidsprekers mag
verwacht worden dat zij wel degelijk een krachtig,
strak en enorm dynamisch laag kunnen neerzetten.
SoundScapeS bezit zelf zo'n systeem, dat moeiteloos
de vergelijking met een flink dynamisch systeem
doorstaat en op het punt van dynamisch bereik,
laagdefinitie en ruimtelijk doorzicht zo'n systeem
gewoon achter zich laat.
Helaas is het zo dat veel inferieure dipolaire
ontwerpen de markt verzadigen. Gerenommeerde
fabrikanten zijn niet in staat om voor een
fatsoenlijke prijs een dipolaire luidspreker op de
markt te brengen die ook het laag voldoende
overtuigend brengt. Dat zit 'm niet in het
werkingsprincipe zelf, maar in het onvermogen om het
zodanig uit te bouwen dat nog een betaalbare
luidspreker ontstaat.
Een fabrikant die het wel kon is met name om
financiële redenen failliet gegaan (Apogee), maar
zelfs het kleinste fullrange model (de Stage) is een
luidspreker die in het laag echt niets te wensen
overlaat, behalve de wens om een groter systeem te
bezitten, maar die wens komt ook bij bezitters van
dynamische systemen steeds om de hoek kijken......
SoundScapeS heeft veel ervaring met
dipolaire luidsprekers en houdt bij elk akoestisch
advies vanzelfsprekend rekening met een zo
belangrijke parameter als het gebruikte type
luidspreker.
naar boven
|

de wand achter een dipolaire luidspreker
mag best akoestisch hard zijn,
al dan niet "diffuus" gemaakt met diffusers


volop ademruimte rondom de luidsprekers,
maar de achterwand is op bovenstaande manier
te gedempt en neemt een stuk levendigheid weg

diffusie op de eerste reflectiepunten aan de
achterwand en een overigens vlakke wand:
een prima combinatie voor dipool!
|