Leesvoer





Regenererend
Vermogen.

PS Audio
Power Plant Premier





recensie en gebruikersverslag van PS Audio's Power Plant Premier -- kortweg PPP --
een "power regenerator" die continu 1,5 kVA aan pure, geregenereerde wisselstroom
t.b.v. de audioset en het HT kan leveren

februari en maart 2009, SoundScapeS / Toine Dingemans

Het Onderschoven Kindje
en het Badwater


De kwestie die aanleiding vormde tot dit verslag is deze:

"Is er nog een duidelijke verbetering in de weergavekwaliteit mogelijk, na alles in de set naar vermogen met elkaar te hebben gematcht tot een maximaal en tot tevredenheid strekkend niveau, dat tevens financieel en praktisch haalbaar is?"

Deze vraag kun je natuurlijk alleen dan bevestigend beantwoorden, als er sprake is van een ondergeschoven kindje -- een of andere randvoorwaarde in de weergeefketen die om wat voor reden ook verwaarloosd of achtergebleven is bij het algehele kwaliteitsniveau van de set. Het ondergeschoven kindje betreft hier de stroomvoorziening die de geluidsinstallatie moet voeden. Het is niet dat ik me niet zeer bewust ben geweest van het belang van schone stroom. Want wat anders is de muziek waarnaar we luisteren dan een gemoduleerde vorm van de oorspronkelijke netspanning uit de muur! Het belang van schone stroom staat in dit verslag niet ter discussie. De wijze waarop deze verkregen kan worden blijkt evenwel een terrein vol voetangels te zijn.
Na diverse experimenten met scheidingstrafo's, passieve netfilters, onstoringsmodules en netsnoeren, uitgesmeerd over een periode van meer dan 15 jaar, zijn twee zaken duidelijk geworden:

Ten eerste: schone stroom zonder de een of andere sonische keerzijde is minder gemakkelijk te realiseren dan veel fabrikanten van netfilters en aanverwante artikelen de muziekliefhebber willen doen geloven.

Ten tweede: er is een betekenisvol verband tussen de hoedanigheid van de netstroom en de uiteindelijke weergavekwaliteit.

Ondanks die wetenschap kon de stroomvoorziening toch mijn ondergeschoven kindje worden...

Daarvoor zijn diverse oorzaken verantwoordelijk.
Allereerst en allerbelangrijkst is er de vaststelling dat scheidingstrafo's en de veelheid aan passieve netfilters en ontstoringsmodules die verkrijgbaar zijn op de audiomarkt, allemaal min of meer behept zijn met hoorbare nadelen en keerzijdes, ondanks dat ze tegelijkertijd ook tot belangrijke deelverbeteringen in de geluidsweergave kunnen leiden. Soms ook leiden ze tot een regelrechte verslechtering, die aanvankelijk voor een verbetering werd aangezien. Dat is ook meteen de reden dat zulke accessoires na verloop van tijd weer het veld ruimen. De meeste muziekliefhebbers accepteren de nadelige gevolgen van netfiltering niet, althans niet op termijn.

Over de nadelen van passieve netfiltering is al behoorlijk veel geschreven en daar voeg ik verder niets aan toe. Met name de inperking van de dynamiek en de levenloosheid van de weergave -- hoewel een
opgeschoonde levenloosheid -- geven de doorslag om uiteindelijk dan maar zonder dergelijke hulpmiddelen verder te gaan en een zekere rauwheid en ongepolijstheid in de weergave te prefereren boven klinische, maar ontzielde schoonheid.
De meeste passieve netfilters en scheidingstrafo's zijn bovendien niet werkelijk geschikt om er eindversterkers op aan te sluiten. Die welke er
theoretisch (op basis van cijfertjes) wel geschikt voor zijn, blijken in de praktijk de dynamiek toch in te perken of een zekere futloosheid in de weergave teweeg te brengen. De gewoonte om het vermogen van een scheidingstrafo of passief filter als selectie- of kwaliteitscriterium te beschouwen blijkt een versimpeling van de werkelijkheid te zijn, aangezien voldoende "opgenomen vermogen" op zich geen garantie hoeft te zijn voor een muzikaal eindresultaat.

Ook de inzet van speciaal voor PC's ontwikkelde stroomvoorzieningen (UPS-en) biedt geen soelaas. De door deze apparaten afgegeven netspanning heeft een voor veeleisende audio ontoereikende sinusvorm en die wordt slechter naarmate de belasting geringer is. Een audioset is beter af zonder zo'n accessoire, alhoewel de bescherming tegen overspanning natuurlijk wel een prettige bijkomstigheid is. Ze schonen ook niet werkelijk de stroom op maar verzorgen hooguit een constante netspanning, al is het dan met een voor kwaliteitsaudio feitelijk ontoereikende sinusvorm. Voor de meeste geluidsapparatuur is een ietwat fluctuerende netspanning echter geen probleem...

De vraag is dan of er wel een manier bestaat om constante en zuivere stroom aan de audioset aan te bieden. Zo'n manier is er zeker, alhoewel noch passieve netfilters (serieel of parallel), noch scheidingstransformatoren en UPS-eenheden hiertoe in staat zijn.
Apparaten van Tice & Titan, Accuphase en later ook van Burmester bewezen al 20 jaar geleden dat volledig geregenereerde spanning een goede geluidsinstallatie nog beter kan laten presteren. Wanneer men het lage rendement (50% of minder), de hoge warmte-afgifte en en zeer hoge prijs van dergelijke apparaten voor lief neemt is het dus wel mogelijk om geluidsapparatuur van schone stroom te voorzien.
Zo'n apparaat is vanuit prijstechnisch oogpunt nooit een optie geweest voor mij. Aldus moet ik met enige schaamte toegeven dat ik destijds het ondergeschoven kindje zelfs met het badwater heb weggegooid, door gedurende 15 jaar het idee te verwerpen dat werkelijk schone en compromisloze netstroom binnen bereik lag.


naar boven



De Techniek van Regenererend Vermogen

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan: onlangs deed zich een kans voor om kennis te maken met de Power Plant Premier van PS Audio. Dit is een apparaat uit de nieuwe generatie regeneratoren. Het ondergeschoven kindje wordt aldus opnieuw voor het voetlicht gebracht...

Dit zou een hele korte review kunnen zijn: de PPP zal niet meer uit mijn set verdwijnen; het apparaat werkt voortreffelijk en doet wat PS Audio op de website claimt dat het zal doen.
De rest van dit verslag tracht uit te leggen waarom dit zo is...


In het kort kan de werking van de PPP als volgt omschreven worden:

De PPP regenereert wisselstroom (AC). Het apparaat moet daartoe worden aangesloten op een wandcontactdoos, bij voorkeur die van een dedicated stroomgroep. De inkomende stroom, ongeacht de mate en soort van vervuiling, wordt gezuiverd na omzetting tot (een lage) gelijkstroom (DC) en daarna opnieuw omgezet naar wisselstroom. Vervolgens wordt deze opgeschoonde wisselstroom zodanig versterkt en gebufferd, dat de PPP beduidend meer energie kan leveren dan de wandcontactdoos zelf. Strikt genomen is het regenererende deel dus een versterker, ontworpen om één frequentie of toon te versterken, namelijk de netfrequentie van 50Hz.



Voor een iets uitgebreidere uitleg van de werking baseer ik me hieronder op de informatie die door PS Audio zelf is verstrekt.

PS Audio bedacht allereerst een manier om de inkomende wisselstroom uit de muur te converteren naar een 5 volts blokgolf d.m.v. een synchronisatiecircuit. Hierdoor is de blokgolf perfect in fase met het inkomende wisselstroomsignaal en volgt dit accuraat. Een DSP-chip met een kloksnelheid van 6,4kHz, gebruikmakend van Direct Digital Synthesis technieken, stelt een sinusgolf samen uit de zelf-gegenereerde blokgolf, waarna deze een DAC voedt zoals in een CD-speler kan worden gevonden. De DAC sampled de sinusgolf en geeft aan zijn uitgang nu een analoog 2,5V signaal af -- nog altijd volmaakt in fase met het wisselstroomsignaal uit de muur. Op dit punt is er dus een volledig geregenereerd schaalmodel van het inkomende signaal voorhanden, dat enkel versterkt dient te worden naar een bruikbaar voltage.
Vanzelfsprekend is er ook een filter dat het analoge laagspanningssignaal reinigt
voordat het naar de versterker wordt gestuurd. Het filteren en opschonen van lage spanningssignalen is veel gemakkelijker te realiseren dan met hoge spanning. Het eerder genoemde analoge 2,5V signaal wordt ontdaan van alle gelijkstroom (DC) die uit de DAC afkomstig is en gezuiverd van eventueel resterende samplingruis die afkomstig is uit het DDS-circuit.
Het onderliggende idee is zodoende om een exacte miniatuur replica van het inkomende wisselstroomsignaal te maken, deze miniatuur te reinigen, en vervolgens te versterken tot het gewenste, nu volledig gestabiliseerde spanningsniveau. Hierna kan het worden doorgegeven aan om het even welk apparaat dat ermee gevoed moet worden. En omdat dit alles gerealiseerd kan worden zonder enorme transformatoren -- de last wordt direct aangedreven -- kan de bronimpedantie zeer laag zijn.



Toch beschrijft deze technologie niet de werkelijke reden waarom het rendement van de PPP zoveel hoger ligt dan dat van zijn regenererende voorgangers en concurrenten, die per slot van rekening dezelfde techniek toepassen van minimaliseren, filteren en versterken van het ingangssignaal. Het geheim van het gunstige rendement schuilt in de voeding van de versterker. In de grootste voorganger van de PPP, de P1000, paste PS Audio een 200V gelijkstroomvoeding toe. Dit voltage stuurde een klasse A/B versterker aan en het resultaat was een 50 of 60Hz uitgangssignaal. Van deze 200V verspilde de versterker 50% van de gebruikte energie op een goede en nog wat meer op een slechte dag. In de PPP is er slechts 70V voorhanden om de versterker te voeden. Uiteraard vermindert dit zowel de hitte als het uitgangsvoltage substantieel. Om nu voldoende uitgangsvoltage te bekomen koppelt het ontwerp van de PPP de 70V gelijkspanningsvoeding en de versterker aan de inkomende 220-230V wisselspanning. Het resulterende vermogen is meer dan toereikend om een krachtige en schone sinusgolf voort te brengen zonder de noodzaak van een hoge voedingsspanning.

De PPP beschermt de aangesloten apparaten daarnaast ook tegen plotseling optredende spanningspieken als gevolg van blikseminslag, maar ook tegen de normale snelle en langzame schommelingen op het net ("spikes" en "surges"). Deze beveiliging bestaat uit een uitneembare en -- indien defect geraakt door blikseminslag -- vervangbare module achterop het apparaat (zie de foto hieronder).



Het netfilter zelf bestaat uit SOTA filtertechnologie die gebruik maakt van Nanokristallijn materiaal. Dat is een magnetisch materiaal met hoge doorlaatbaarheid, op basis van nanotechnologie en afkomstig uit het militaire research- en ontwikkelingscircuit. Nanotechnologie richt zich op het manipuleren van materialen op moleculair niveau, ten einde nieuwe eigenschappen tot stand te brengen. De verworvenheden van deze nieuwe technologie beginnen langzaam binnen te sijpelen in consumentenproducten en er lijkt een veelomvattende toekomst voor te zijn weggelegd. In de PPP zorgt het nanokristallijne magnetische materiaal ervoor dat PS Audio efficiëntere filterspoelen kan bouwen, waar veel minder koper in hoeft te worden verwerkt. Daardoor verminderen de weerstand en inductie, die de dynamische kwaliteiten van de muziek zouden kunnen aantasten.

De PPP levert continu ruim 1500 Watt aan geregenereerd wisselstroomvermogen met een piekvermogen van 4000W (2 sec.). Het continuvermogen ligt 50% hoger dan zijn voorganger, de P1000. Dit vermogen wordt afgegeven met een thermisch rendement van 85%. In de praktijk wordt de PPP niet of nauwelijks warm (een P1000 kon desgewenst ook gebruikt worden als bijverwarming van een kleine ruimte), maar er is voorzien in stille, geforceerde koeling, die bij hoge belasting automatisch in werking zal treden.



Het apparaat biedt vijf verschillende zogenaamde IsoZones. Elke IsoZone is een kleurgecodeerde contactdoos aan de achterzijde van de PPP. IsoZones zijn volledig van elkaar gescheiden en voorkomen daarmee onderlinge besmetting. PS Audio adviseert om digitaal, analoog, beeld/video en eindversterking op verschillende IsoZones aan te sluiten om beïnvloeding te voorkomen. Je zou dus kunnen zeggen dat je vijf volledig gescheiden, schone en dedicated audiogroepen ter beschikking hebt.




De IsoZones kunnen d.m.v. schakelaars worden ingesteld: altijd-aan (on), geschakeld (sw) of vertraagd ingeschakeld (dly). Zie ook de foto hieronder.
Het zou volgens PS Audio een slimme manier kunnen zijn om de complete audioset in een bepaalde apparaatvolgorde in te schakelen en tegelijkertijd om bepaalde apparaten altijd aan te laten staan, onafhankelijk van de aan/uit schakelaar op de PPP.



De eindversterker of geïntegreerde versterker dient als eerste in- of uitgeschakeld te worden en pas daarna de eventuele voorversterker en de geluidsbron(nen) en die sequentie kan nu middels één druk op de powerknop van de PPP plaatsvinden. Andere gebruikers, waaronder ikzelf, geven er de voorkeur aan om voorversterker en geluidsbron altijd aan te laten staan. Via de voorop de PPP aangebrachte power-button kunnen de geschakelde of vertraagde uitgangen worden in- of uitgeschakeld, terwijl de "altijd-aan" uitgangen daar
niet door worden beïnvloed en altijd geregenereerde stroom ontvangen, ongeacht de stand van aan/uit schakelaar op het front van de PPP.
Voor de thuisbioscoop is er nog voorzien in een beveiligde aansluiting voor de diverse ingangssignalen voor beeld (kabel en satelliet). Ook kan de telefoon- of modemaansluiting via de PPP beveiligd worden aangesloten.



naar boven



Aansluiten en Display-Informatie

Het aansluiten van de PPP op het net geschiedt met een los bijgeleverd netsnoer; de fase dient op de onderste lip van de netaansluiting te komen, zo blijkt uit navraag bij PS Audio. Na aansluiting op het net levert de PPP te allen tijde beveiligde en geregenereerde stroom aan de IsoZones die als "altijd-aan" geschakeld zijn -- dus onafhankelijk van de powerschakelaar voorop het apparaat.
Het loont zeker de moeite om een goed afgeschermd en op klankmatige eigenschappen geselecteerd netsnoer te gebruiken om de PPP met het lichtnet te verbinden. Een volgens mij zeer betaalbaar en uitstekend afgeschermd netsnoer is dat van Belden, wat PS Audio ook aanprijst als hun eigen snoeren het budget overstijgen.
De PPP is in mijn huis verbonden met een dedicated audiogroep. Deze groep is in de meterkast voorzien van een ouderwetse 16A smeltpatroon.

Bij het aansluiten van apparaten is het vanzelfsprekend raadzaam om de correcte fase te respecteren, indien zulks al van belang was toen de apparaten nog op de normale wijze op het lichtnet werden aangesloten.
Het apparaat, uitgevoerd in fraaie zwarte metalen behuizing, is nieuw uit de doos gekomen en heeft een week nodig gehad om op stem te komen; er is in die eerste week wat meer rust in het hoog gekomen, maar toch is van meet af aan duidelijk dat er een upgrade van formaat heeft plaatsgevonden.

Via het frontpaneel of de bijgeleverde afstandsbediening kunnen een aantal nuttige gegevens worden afgelezen van het display:

  • de inkomende netspanning
  • de uitgaande, gefilterde en geregenereerde netspanning
  • het positieve of negatieve verschil tussen die twee
  • het percentage totale harmonische vervorming (THD) van het inkomende netsignaal
  • het percentage THD van het uitgaande signaal
  • de gekozen golfvorm van het uitgangssignaal: sinusgolf of "multi wave" -- deze functie is overigens uitsluitend via de AB in te stellen



De intensiteit van het display kan naar wens worden gehalveerd of geheel worden uitgeschakeld. Nadat enkele weken de info op het display leuk was om te volgen staat het nu voortdurend uit en het apparaat doet ongemerkt zijn werk.

Via de afstandsbediening kan nog een laatste functie van de PPP worden geactiveerd,
"CleanWave" genaamd. CleanWave laat een serie hogere frequenties meereizen op de uitgangssinus, waardoor alle aangesloten en ingeschakelde apparatuur gedemagnetiseerd (degaussed) wordt. Er is de keuze tussen een signaal van 5 seconden (tussen afzonderlijke cd's te gebruiken) en een van 60 seconden (dagelijks na het inschakelen van de apparatuur). Het is een nuttige toevoeging die met hoorbaar positief gevolg wordt ingezet.

Het eigen stroomverbruik van de PPP is verwaarloosbaar klein. Eenmaal aangesloten op het net (display uit) werd een stroomverbruik van 18Watt gemeten met een verbruiksmeter. Wanneer het display voluit oplicht is dat 20Watt en met het display in de middenstand 19Watt.

Achterop mijn PPP worden drie apparaten aangesloten op drie IsoZones.
Allereerst is er de geluidsbron: de Marantz SA-1 speler.
Vervolgens de Placette Audio passieve linestage; deze verbruikt slechts stroom bij het regelen van het volume, wanneer relais de benodigde weerstanden kiezen.
Tenslotte de Usher R1.5 eindversterker, vanzelfsprekend de grootste stroomverbruiker, die een paar recentelijk van nieuwe membranen voorziene Apogee Duetta Signature luidsprekers aanstuurt.



Wanneer op maximaal vermogen muziek zou worden gespeeld gebruikt de audioset ten hoogste 750Watt, exact 50% van het continuvermogen dat door de PPP kan worden geleverd. Er is op grond van deze specs geen belastingsprobleem te verwachten, maar toch is het juist dit aspect waar ik in het aanloopstadium het meest alert op was. Fabrikanten van netfilters claimen immers voortdurend dat hun gadgets de dynamiek niet inperken...


naar boven



De Tumtumfabriek en andere Tegenstijdigheden

Afgezien van "de kwestie" die in de aanvang van dit verslag aan de orde kwam, leeft bij mij ook het idee dat de kwaliteit van de netstroom in deze woning te wensen overlaat -- in elk geval minder zuiver en stabiel is dan in de vorige woning met luisterzolder. Maar is dat werkelijk zo?
Muziekluisteraars merken regelmatig op dat het beluisteren van muziek in de avonduren bevredigender is -- zelfs beter klinkt. Ook in het weekend zou de geluidsinstallatie op een hoger niveau spelen dan op een doordeweekse dag. Een argument hiervoor is dat de kwaliteit van de netspanning in de avonduren en in het weekend simpelweg beter is dan overdag door de week. Op zichzelf een redelijk argument, ware het niet dat beweringen over netvervuiling niet vaak gestaafd worden door feitelijke metingen. Een ietwat fluctuerende netspanning zal op zich niet de reden zijn dat goede geluidsapparatuur op wisselende kwaliteitsniveau's presteert; daar kunnen die apparaten best mee omgaan. Waar het blijkbaar wel om gaat is het gegeven dat de mate van net
vervuiling wisselt over de dag. Maar nogmaals: is dat werkelijk zo?

In de jaren dat ik een dedicated luisterruimte op zolder benutte had ik twijfels over bovenstaand verhaal met betrekking tot de hoorbaarheid van een wisselende kwaliteit van de netspanning op bepaalde uren en dagen. Netvervuiling is er weliswaar, maar een beetje meer of minder zal toch niet hoorbaar uit moeten maken, lijkt me. En inderdaad: eenmaal aanbeland op de luisterzolder was er geen enkel aanknopingspunt meer betreffende uur en tijd; alle zintuiglijke afleiding, behalve de gehoormatige ervaring, en elk contact met de buitenwereld was daar verbroken. Het is me in de praktijk dan ook nooit opgevallen dat muziek op zolder overdag minder goed of juist beter klonk dan in de avond of in het weekend.

De werkelijk storende factoren die ongehinderde muziekbeleving in de weg staan kunnen m.i. eerder op het conto van de zinloze zintuiglijke afleiding geschreven worden dan op iets anders, de kwaliteit van de netspanning incluis.

Het is een bekend verschijnsel dat het gehoorzintuig beter presteert wanneer de indrukken van de overige zintuigen tot een minimum beperkt kunnen worden. Ofwel: door het wegnemen van nodeloze prikkels en afleidingen, inclusief achtergrondruis en visuele afleiding, zal het overblijvende gehoorzintuig scherper functioneren. De muziek komt beter binnen; de beleving van muziek wordt als intenser ervaren. Daar komt geen subjectieve blabla aan te pas en iedereen die weet wat muziek luisteren is kan dit zelf controleren. Zodoende is muziek luisteren in de avonduren, in een normale woonsituatie, als vanzelf een intensere aangelegenheid dan overdag. Er rijden minder auto's door de straten; er zijn minder stoorgeluiden van buitenaf; kinderen liggen op bed; de telefoon rinkelt minder of staat uit; er wordt niet steeds een beroep op ons gedaan door anderen; het licht is gedempt; de sfeer is ontspannen; er is minder afleiding. Ook in het weekend zijn mensen die niet hoeven te werken doorgaans meer ontspannen dan door de week overdag.

Ik wil in het geheel niet beweren dat de kwaliteit van de netspanning geen invloed zou kunnen hebben op de kwaliteit van de muziekweergave! De PPP bewijst wat dit betreft namelijk onmiddellijk wat de verdiensten van schone stroom kunnen zijn en die zijn niet gering! -- daarover later meer. Wat ik wel beweer is dat de invloeden die ervoor zorgen dat de muziek op sommige momenten beter en op andere momenten slechter klinkt eerder zintuiglijk (en daardoor psychologisch) van aard zijn dan iets anders. Dat laat onverlet dat de kwaliteit van de netspanning in mijn nieuwe woning weleens minder goed zou kunnen zijn als in het vorige huis, met de luisterzolder.

Aan het einde van onze straat staat de Tumtumfabriek -- de voormalige snoepfabriek van Red Band waar ook nu nog, zij het onder een andere merknaam, zoete zaligheden worden geproduceerd. Ik heb niet kunnen controleren of mijn woning direct het netwerk deelt met de Tumtumfabriek. Het transformatorhuisje staat in elk geval aan hetzelfde einde van de straat als de fabriek en ons huis staat aan het andere einde. Als netvervuiling inderdaad veroorzaakt wordt door industrie in de buurt, zou het heel goed kunnen zijn dat de kwaliteit van de netspanning in mijn woning in de avonduren en in het weekend inderdaad
beter is dan overdag door de week. Tegenwoordig worden er namelijk enkel nog dagdiensten gedraaid in de Tumtumfabriek...

Een verdienste van de PPP is de mogelijkheid om de kwaliteit van de aangeboden netspanning uit te lezen. In de eerste weken heb ik dagelijks een keer of tien de parameters van het net bekeken en genoteerd. Hieruit zijn een aantal interessante gegevens naar voren gekomen -- gegevens die in feite tegenstrijdig zijn aan de veelgehoorde beweringen dat de kwaliteit van de netspanning in het weekend en de avond beter is dan overdag door de week.
Volgens de PPP blijkt het namelijk precies andersom te zijn in dit huis...


naar boven



Tegenstrijdigheden Toegelicht

Gedurende een etmaal kan de netspanning die hier door het energiebedrijf aangeboden wordt tussen 215 en 229 Volt schommelen. Dit kan iets verder genuanceerd worden: in de avonduren en in het weekend varieert de netspanning overwegend tussen 220 en 224 Volt; overdag schommelt ze tussen 223 en 228 Volt. Tot nu toe is niet waargenomen dat zich plotseling optredende grote spanningspieken of -dips voordoen; het hier geschetste spanningsverloop strekt zich over meerdere uren uit.

De genoteerde gegevens suggereren dat er een verband is tussen de hoogte van de netspanning en de algehele belasting van het net, die in de avond en in het weekend groter is dan overdag door de week aangezien het huis in een woonwijk staat en er in de avond en het weekend meer mensen thuis zijn dan overdag door de week.
Uit kleine experimentjes in eigen huis komt naar voren dat het inschakelen van grootverbruikende apparaten invloed heeft op de netspanning: een grootverbruiker veroorzaakt direct een kleine spanningsval. Zo zorgt bijvoorbeeld het inschakelen van de waterkoker in de keuken of de wasmachine in de badkamer ervoor dat de spanning op het net met 2 Volt terugloopt gedurende de tijd dat het verwarmingselement van deze apparaten aanstaat. Het inschakelen van de magnetron op vol vermogen geeft een onmiddellijke spanningsval van 1,5 Volt en de 116cm plasma tv een van 1 Volt. Na het inschakelen van kleinverbruikers, zoals een lichtdimmer of de PC, verandert er helemaal niets aan de aangeboden netspanning (maar wel aan het percentage THD op de lijn!).

Het gegeven dat de netspanning gedurende de avonduren en in het weekend
lager is dan overdag door de week doet me concluderen dat de lokale industrie geen invloed heeft op de netspanning in mijn huis. Overdag zijn de meeste mensen in de straat naar hun werk. Maar 's avonds en in het weekend zijn ze veelal thuis en juist op die uren is de netspanning consequent het laagst en de belasting van het net hoog. Alle verbruikers die mensen dan thuis ingeschakeld hebben zorgen ervoor dat de netspanning gemiddeld 4 tot 6 Volt lager is dan op de rustige uren overdag -- de uren waarop de meeste mensen niet thuis zijn. Het zou misschien kunnen dat deze spanningsval versterkt word doordat ons huis een van de laatste woningen is die op het transformatorhuisje is aangesloten, dat helemaal aan het andere uiteinde van de straat staat. Ongetwijfeld zouden technisch meer onderlegde mensen kunnen beamen of ontkennen dat dit van invloed is, maar de letterlijk met de regelmaat van de klok fluctuerende netspanning is net iets te opvallend om toevallig te kunnen zijn.

Geheel onafhankelijk van de aangeboden netspanning stuurt de PPP 234 Volt uit ten behoeve van de aangesloten geluidsapparatuur. Volkomen constant, zich niets aantrekkend van de inkomende netspanning. Dat is niet verwonderlijk, aangezien de specificaties aangeven dat de netspanning tussen 175 en 275 Volt mag fluctueren voordat de ingestelde uitgangsspanning daaronder te lijden heeft.

De gemeten vervormingscijfers op het net houden gelijke tred met de hierboven beschreven spanningsflucuaties. Het percentage THD (totale harmonische vervorming) op het net fluctueerde tussen 1 en 3,3%. In de loop van een willekeurige doordeweekse dag fluctueren deze waarden zo tussen 1,2 en 2,6% -- soms zijn er uitschieters naar 3% of hoger.
Op een doordeweekse dag schommelt de THD tussen 1,2 en 1,5% en blijft heel constant. Maar in de avonduren en in het weekend -- de uren dat de meeste mensen thuis zijn -- ligt de vervorming hoger: tussen 1,8 en 2,6% of nog iets meer.
Dus terwijl de netspanning daalt als gevolg van de grotere belasting op het net, neemt het percentage THD -- de werkelijke netvervuiling en een mogelijke oorzaak voor verminderde prestaties van de geluidsinstallatie -- toe.
Ook hier zijn enkele experimentjes uitgevoerd met verbruikers in het eigen huis, om te zien wat de invloed is op de THD. Het blijkt bijvoorbeeld dat de waterkoker tevens verantwoordelijk is voor een toename van 0,3% THD, naast de spanningsval van 2 Volt. De ingeschakelde PC, die geen spanningsval tot gevolg heeft, doet de THD met ruim 0,4% toenemen en het uitschakelen van de DECT-telefoons maakt dat er 0,2% minder THD op het net meetbaar is. De ingeschakelde magnetron geeft een toename van 0,2% THD, evenals de ingeschakelde lichtdimmer.

De eerdere conclusie verder doortrekkend lijkt het erop dat een hogere belasting van het net zowel een spanningsval van enkele Volts teweegbrengt als een toename van de netvervuiling (THD) met ruim 1 procent.
Let wel: dit is het resultaat van mijn eigen metingen hier. Ik begrijp van andere gebruikers in Nederland en ook in andere landen, dat het percentage THD op de lijn heel vaak boven de 3% ligt en nog wel wat hoger ook -- waardes die ik hier zelden of nooit kon meten. Daaruit valt dan weer af te leiden dat de netspanning in deze straat niet zo ernstig vervuild is als in grootstedelijke gebieden of in sommige andere landen.

Geheel onafhankelijk van het inkomende percentage THD op het net levert de PPP aan zijn uitgangen een constant percentage van 0,3% THD. Als de netspanning de minimale waardes rond 220 Volt bereikt is dat percentage net iets hoger en knippert het display afwisselend tussen 0,4 en 0,5%, vermoedelijk vanwege de afrondingsverschillen.

Naar aanleiding van deze bevindingen heb ik aan Paul McCowan van PS Audio gevraagd of er een verband is tussen de handmatig ingestelde uitgangsspanning van de PPP (er zit een stelschroefje in de bodem, al rept de handleiding daar niet over) en het percentage THD op de uitgangen. Hij vertelde me dat bij een flink verschil (>15V) tussen de ingangsspanning en de ingestelde uitgangsspanning er doorgaans ook meer THD op de uitgangen kan worden afgelezen. Hij deed me ook de methode aan de hand om hierin het beste compromis te zoeken en dat hoeft niet noodzakelijkerwijs een uitgangsspanning van precies 230 Volt te zijn. Na enig experimenteren bleek dat steeds het laagste percentage THD aan de uitgang van de PPP wordt gemeten wanneer de uitgangsspanning op 234 Volt is ingesteld.


naar boven



En het belangrijkste:
Luisterbevindingen met de PPP


Misschien is de grootste dooddoener in de wereld van audiofielen de opmerking, "het ligt aan de opname", wanneer de weergavekwaliteit zodanig te wensen overlaat, dat de opname in kwestie niet lekker klinkt. Het zal een jaar of 20 geleden zijn dat ik zelf voor het laatst "het ligt aan de opname" mompelde als excuus voor een ontoereikende weergave. Bij die confronterende maar leerzame gelegenheid werd ik door een nogal wat oudere man terechtgewezen in de winkel waar ik destijds werkzaam was. Hij zei iets van, "als je op een set niet alles kunt draaien wat er aan opnames gemaakt is, moet je de fout in de set zoeken en niet in de opname; dat is het goedkoopste excuus wat je maar kunt verzinnen en de beste garantie om je eigen vooruitgang op muziekgebied mee in de weg te staan."
Ik weet nog dat ik 'm wat meewarig aankeek en bij mezelf dacht, "tuurlijk joh...".

Maar hij had natuurlijk gelijk!

Op een goede set in een goede ruimte -- een waarover je tevreden bent en die je niet steeds laat denken wat er allemaal nog te verbeteren is -- kun je simpelweg alles draaien wat je maar wilt. De boodschap zal hoe dan ook overkomen. In 95% van de oude opnames die muziek mogen heten zitten nuances, subtiele wendingen, details en andere meeslependheden die de moeite waard zijn, ook al is het lang geleden geregistreerd. Een goede set die de integriteit van een opname breedbandig intact laat en dit ook aan de luidsprekerklemmen weet aan te bieden aan een stel speakers die geen janboel maken van de tijdsinformatie, maakt alle opnames boeiend wanneer je tenminste van de
muziek houdt.
Is het dus de kwaliteit van de opname, zoals de audiofiel die enkel maar naar zijn vijf referentie-opnames kan luisteren ons wil doen geloven? Ik denk zelf van niet; ik denk dat de set in kwestie dan niet echt in balans is en gekenmerkt wordt door tenminste één mismatch, maar waarschijnlijk meer.

Wat de PPP niet kan is al die duizenden opnames die normaliter op een zgn. kwaliteitsset niet draaibaar zijn plotseling wel draaibaar maken. Ofwel: de PPP is geen wondermiddel voor kwalen van de hardware. Alle eigenschappen van een set blijven in gelijke mate aanwezig; schone stroom uit de PPP zorgt er niet voor dat de set plotseling eigenschappen krijgt die er eerst niet waren. Wel maakt een apparaat als de PPP dat al de eigenschappen van een fraaie set zich nog beter kunnen manifesteren.
Natuurlijk is het zo dat goede en mooie opnames in het voordeel zijn t.o.v. onzorgvuldig broddelwerk uit de opnamestudio.


Ruimte op het Podium
De meest in het oog springende verbetering die door de PPP teweeggebracht wordt komt tot uiting op het gebied van de ruimtelijkheid van de weergave.
Het geluidsbeeld is duidelijk groter geworden in de drie dimensies. Het komt vaker en gemakkelijker voor dat instrumenten buiten de luidsprekers en buiten de begrenzingen van de kamer treden, niet alleen bij electronisch gemanipuleerde opnames waarbij in het tijdsdomein is gerommeld, maar ook bij akoestische opnames die juist een natuurlijke herschepping van plaatsing beogen. Het grappige is dat vrouw en kinderen die dit nooit beweerden te horen opeens als door een soort wonder verrast zijn door een piano die fysiek zeer tastbaar buiten de luidsprekers in de gang staat te spelen, op de plaats waar eigenlijk de trap naar de bovenverdieping hoort te zijn...
De muziek neemt daadwerkelijk meer fysieke ruimte in, ook in de diepte. Hoewel de Apogee luidsprekers nooit problemen hebben gehad met het reproduceren van diepte in het geluidsbeeld, varen ze duidelijk wel bij een door schone stroom nog verder veredeld muzieksignaal. De beloning is een grootschaligere inkijk in de muziekopname, die bovenal heel boeiend is en maakt dat het beluisteren van een hele cd weinig moeite kost. Er gebeurt meer; er is meer fysieke scheiding tussen de deelnemende muzikanten. Het podium is groter geworden bij gelijkblijvende luisterdriehoek en kamer, hetgeen meer lijkt op de vanzelfsprekendheid van een live muziekervaring en minder op de ingeblikte
ik-zit-hier-en-de-muziek-is-daar geluidssensatie.


Geboeid door de Nuance
Een wat minder opvallende, maar daarom niet minder verdienstelijke eigenschap van de PPP is zijn vermogen om niet alleen meer separatie op het opnamepodium te tonen, maar ook om de klankrijkdom en het timbre van met name akoestische instrumenten te vergroten.
Wat mij betreft is dit een eigenschap die maakt dat de muzikale boodschap beter overkomt, al is daarvoor wel een meer aandachtige luisterstemming vereist. Het valt niet direct op, maar voegt bij aandachtig luisteren wel een hoop toe. Behalve dat geluiden gemakkelijker te volgen zijn in hun uitklinken en uitsterven, zijn ze dat ook in hun aanzwellen -- dat zijn uiteraard twee kanten van dezelfde medaille, die in subjectieve termen als "meer zwart" omschreven kan worden. De subtiele nuances van het instrument zelf, zoals de aanraking van de strijkstok op de snaren, de kwastjes op het vel of het samenspel van boventonen bij zo ongeveer alle akoestische instrumenten, maar ook de nuances welke door de muzikant zelf worden aangebracht in het spel, worden beter gedragen op en als vanzelf in de muziek verweven. Waar je zonder 'schone stroom' wat verder moet zoeken naar die nuances, zijn ze nu meer vanzelfsprekend aanwezig.
Op termijn beschouw ik dit toch wel als de meest waardevolle verdienste van schone stroom: je hoort simpelweg meer van wat er in feite al is.


Zachter, Harder of toch niet?
Een andere indruk die me meteen trof is dat het lijkt alsof de muziek zachter staat, terwijl hetzelfde volume is ingesteld als altijd. Ik kan niet verklaren waarom dit zo is, maar de vrouw des huizes die graag en vaak meeluisterd merkte het als eerste in woorden op. Het is een indruk die telkens weer ontstaat, in elk geval totdat een zekere mate van gewenning aan dit fenomeen is opgetreden. Tegelijkertijd kunnen de luide passages in diezelfde muziekstukken de indruk wekken dat het volume juist weer wat hoger is ingesteld.
PS Audio claimt dat met de PPP de dynamiek niet afneemt maar, integendeel, juist zal toenemen. Dit zal de manier zijn waarop dit tot uiting komt en zowel op zeer lage volumes als op hogere geluidssterktes is dit fenomeen in gelijke mate waarneembaar.
Ik had al gemerkt dat de Usher eindversterker samen met de Apogee luidsprekers in staat is om onder alle hier voorkomende omstandigheden het gevraagde vermogen te leveren en om te zetten in bruikbare geluidsdruk en tegelijk over een aanzienlijke headroom te blijven beschikken -- iets dat met een eerdere eindversterker niet gelukt was op grond van te weinig vermogen en stroomreserve. Mijn grootste vrees, ondanks PS Audio's claim, was toch wel dat er op die headroom -- op die hoorbare vermogensreserve -- ingeleverd zou moeten gaan worden. Het is het aloude schrikbeeld van de feitelijk ongeschikte vormen van netfiltering en de scheidingstrafo's: misschien wordt het geluid er wel schoner van, maar ook flauwer en levenlozer doordat er o.a. op dynamiek ingeleverd word, en dat zou wat mij betreft een reden zijn geweest om het apparaat na een proefperiode weer retour te zenden. Hoewel ik niet meer op een zo heel hoge geluidssterkte luister als enkele jaren geleden is het geen probleem om bij gelegenheid een gemiddelde geluidsdruk van 98dB neer te zetten en dan pieken te meten van 105dB -- de slagkracht blijft volledig behouden met de PPP en komt zelfs beter tot zijn recht in onze akoestisch behoorlijk neutrale muziekruimte.

Ik meldde eerder al dat het apparaat in staat is om continu 1500 Watt aan schone stroom te leveren, terwijl de set op hoge volumes nooit meer dan 750 Watt op zal nemen. Er is geen reden om aan te nemen dat de PPP op dit punt in ademnood komt. Er is ook heel wat voor nodig om meer dan 1kW aan vermogen op te nemen voor een normale audioset. Alleen wanneer er hele zware klasse-A versterkers in gebruik zijn zou 1500 Watt te weinig kunnen zijn.
De PPP kan volgens PS Audio ook meer ruim driemaal meer stroom leveren dan een 16A stroomgroep kan mobiliseren: piekstromen van 50A voor elke helft van de sinusgolf en gedurende tenminste 2 seconden vallen binnen de specificaties. Dat heeft direct te maken met de buffercapaciteit die in het apparaat is ingebouwd en dat neem ik dan maar gewoon aan. Daar komt bij dat het apparaat ontwikkeld is om de vorige generatie regeneratoren (de P300, P600 en P1000) ruim te overtreffen op het punt van uitgangsvermogen en rendement. Eén PPP is qua uitgangsvermogen het equivalent van 5 P300's, 2½ P600 en 1½ P1000.


Golfvormen
De basweergave lijkt met de PPP over wat meer body en stevigheid te beschikken. Het is niet zo dat het laag dieper gaat, noch is het vetter, zwaarder of trager geworden. Maar de aftekening (contour) van het laag wint beslist aan zeggingskracht met schone stroom uit de PPP.
Juist op de heel lage luistervolumes van de late avond is dit net zo duidelijk te horen als bij hogere volumes. Eén van de eigenschappen waarom ik de Duetta luidspreker destijds heb gekozen is haar vermogen om zelfs op de meest bescheiden luisterniveau's nog een compleet geluidsbeeld neer te zetten dat dezelfde klankbalans en ruimtelijkheid heeft behouden als bij hogere volumes. Deze reeds in de set aanwezige eigenschap komt dankzij de PPP beter uit de verf, doordat het geluidsbeeld dan steeds weer de aandacht weet te vangen.

Mijn inschatting is dat dit, in elk geval voor een belangrijk deel, te maken heeft met het gegeven dat er aan de uitgangen van de PPP -- in de standaard instelling
"sinewave" -- altijd een volmaakt gevormde sinusgolf verschijnt en niet de bijna blokgolf die het normale, zwaar belaste stroomnet maar al te vaak kenmerkt. Elektrisch piekvermogen is vooral afkomstig uit de toppen van de sinusgolf en wanneer die afgevlakt worden daalt de voor eindversterkers beschikbare stroomvoorziening aanmerkelijk.

Een volgens PS Audio bijzonder nuttige functie van de PPP is de mogelijkheid om, behalve een volmaakte sinus, ook een daarvan afgeleide golfvorm te produceren met een breder piekgebied. Die functie heet
"MultiWave" en kan middels de afstandsbediening worden ingeschakeld. Normaal gesproken levert de PPP een volmaakte sinus, maar na het inschakelen van de multiwave functie is deze enigermate 'vervormd', zoals in onderstaande afbeelding zichtbaar is gemaakt.



citaat PS Audio:
"Maar waarom zou je een andere golfvorm willen produceren dan die welke afkomstig is uit de muur?
De reden is dat veel apparaten, in het bijzonder buizenapparaten, maar ook transistor eindversterkers, veel baat hebben bij een langere "laadtijd" (vrij vertaald naar
"charging time") bij hun piek aan energiebehoefte. Om in deze behoefte te kunnen voorzien dien je de golfvorm te veranderen. Die aangepaste golfvorm heet "multiwave".
De piek van de sinus is het golfdeel waar de meeste apparatuur haar vermogen uithaalt. De energie om de volmaakte sinusvorm, evenals de daarvan afgeleide MultiWave op te bouwen is afkomstig uit de grote voedingselco's van de PPP."

The effect is a square wave with rounded edges. This waveform is designed to enhance the loading of capacitors in the power supplies of connected equipment. For this specific purpose of capacitor charging, the peaks of a sinewave are important. By squaring off a typical sinewave, capacitor recharge times are accelerated to help increase the dynamic characteristics of an amplifier.

einde citaat.

Dat een volmaakte sinusvorm meer energie levert dan een vervormde bijna-blokgolf is duidelijk geworden in de weken van luisteren. Gebruik van de MultiWave functie geeft bovendien een nog wat krachtiger klankbeeld, alsof de drijvende kracht toeneemt en de versterker is uitgerust met een krachtiger voeding. Maar dit betekent voor mij niet dat het resultaat ook meteen muzikaler is in vergelijking met de instelling die 'slechts' de normale, volmaakte sinusgolf voortbrengt. Bij de normale instelling lijkt het resultaat altijd wat lichtvoetiger te zijn, luchtiger en minder zwaar en dat heeft meer charme. Daarnaast vind ik de normale instelling ruimtelijk groter en realistischer dan de MultiWave instelling en ik deel dan ook niet de mening van PS Audio dat de MultiWave het geluid van
elke set kan verbeteren.

Na enkele weken luisteren, waarin veelvuldig gewisseld is tussen de normale instelling en de MultiWave instelling, concludeer ik dat mijn voorkeur naar de normale instelling neigt. De MultiWave laat ik steeds vaker links liggen. Bij de normale instelling is de kwaliteit van de ruimtelijke weergave zeker beter en ik prefereer de lichtvoetigheid en luchtigheid in het geluidsbeeld boven de ietwat verstopte toegenomen slagkracht van MultiWave.

PS Audio beweert overigens in een meer technische publicatie dat het vooral de buizenliefhebbers zijn die het meeste baat kunnen hebben bij de toegevoegde energie die de MultiWave golfvorm oplevert. Aangezien er een duidelijk hoorbaar verschil is tussen de twee golfvormen loont het de moeite om er in de eigen set eens goed mee te experimenteren om vast te stellen welke instelling eventueel prevaleert.


naar boven



Conclusie

De PPP is een fraai en smaakvol vormgegeven en degelijk gebouwd apparaat, dat daadwerkelijk doet wat de specificaties en de fabrikantenclaims beloven. Het volledige potentieel van een geluidsinstallatie kan zich beter manifesteren naarmate de drijvende kracht achter de muziek -- de gemoduleerde netspanning die in feite de hoorbare muziek vormt -- stabiel, volledig en ontdaan is van zoveel mogelijk storende factoren. Toch blijft een zekere terughoudendheid t.a.v. de zaligmakende eigenschappen wel op zijn plaats.

De PPP maakt van een middelmatig klinkende set geen goede set;
de PPP maakt van een ontevreden eigenaar van een geluidsinstallatie geen tevreden eigenaar;
de PPP kan geen enkele mismatch of een gebrek aan synergie in de weergeefketen ongedaan maken of opheffen.
Wat de PPP
wel kan is het gegeven potentieel van een set -- ongeacht hoe goed of ontoereikend dit is -- maximaliseren.

Vanwege een reparatie van de Marantz SA-1 luisterde ik enkele weken naar een Denon cd-speler uit een midiset. De PPP was niet bij machte om de schraalheid, het gebrek aan nuance en verfijning en de ietwat ingeblikte ruimtelijkheid van deze speler teniet te doen. Wel speelde het Denon spelertje dankzij de PPP op een hoger plan, maar alle tekortkomingen die het apparaat, nog voordat er een PPP was, al tentoonspreidde, bleven ook bestaan nadat de PPP in de set was opgenomen. Toen de SA-1 weer was aangesloten werd des te duidelijker wat het verschil kan zijn tussen een budgetspeler met budget-klankeigenschappen en een beter klinkende speler (of een match). De eigenschappen van de Marantz SA-1, zoals zijn vermogen om opnameruimte en muziek als één samenhangend geheel weer te geven en zijn vermogen om muzikale nuances meeslepend te maken, ook zonder de PPP, krijgen simpelweg meer zeggingskracht met de PPP.
Daarom is ontevredenheid met de huidige hardware op zichzelf geen juist motief om een PPP aan te schaffen. Ook indien de set nog in ontwikkeling is en upgrades of aanpassingen behoeft zou de eigenaar zich het beste maar kunnen realiseren dat de PPP
alleen niet in staat is de weergeefkwaliteit te brengen die beoogd wordt. Slechts dat wat al aanwezig is wordt in alle opzichten beter en duidelijker hoorbaar, de nog onvoltooide eigenschappen incluis.

Zijn er dan geen nadelen aan de PPP?

Tsja... het apparaat is naar mijn bescheiden mening vrij prijzig, alhoewel zoiets in alle opzichten relatief is. Wie bereid is om een vijfcijferig bedrag neer te tellen voor zijn geluidsapparatuur zal er niet verkeerd aan doen om het viercijferige bedrag voor een PPP daar nog aan toe te voegen. Het zal de algehele kwaliteit van de set op een hoger plan brengen.
Toch is de prijs naar Nederlandse zuinigheidsbegrippen wat aan de hoge kant, maar dat is het enige nadeel dat ik kan vinden...

Wat hoe dan ook in het voordeel van de PPP pleit is het feit dat deze alle toekomstige upgrades en aanpassingen van een geluidsinstallatie doorstaat en gewoon doorgaat met zijn werk te doen van het leveren van schone stroom. Eenmaal aangeschaft zal de PPP in de set blijven en zal het beschikbare electrische vermogen de behoefte van nagenoeg iedere audiofiele geluidsinstallatie en thuisbioscoop kunnen dekken.



In mijn set is de PPP een blijver. Het genoegen van het gebruik duurt voort, lang nadat de pijn van de investering is vergeten en gecompenseerd. Een upgrade van formaat met een onvoorziene impact die je in elk geval gehoord zou moeten hebben in je set -- een aanrader voor elke serieuze muziekliefhebber die weliswaar tevreden is, maar het volle potentieel van de set wil benutten.
Een demo door een geautoriseerd dealer kan zodoende een gevaarlijke aangelegenheid zijn, aangezien de kans groot is dat het apparaat moet blijven...


naar boven